Reflecties
Stuk
Wat is er stuk aan het internet?
Wat ik zelf het ergste vind aan het internet is hoe verslavend het is. Big tech houdt je vast met algoritmes en slimme ontwerpkeuzes. Je opent een app voor een kwartiertje scrollen en voor je het weet ben je drie uur verder. Het eindeloze scrollen en meldingen die je terugroepen zijn bewust zo ontworpen dat stoppen moeilijk wordt. Hoe langer je blijft, hoe meer de bedrijven verdienen.
Tijdens de minor viel me nog iets op, namelijk hoeveel data er onbewust over je verzameld wordt. Ik dacht daar vroeger niet vaak over na. Een app vroeg om toestemming, ik klikte op akkoord en ging verder. Door de opdrachten in dit blok ben ik daar veel bewuster naar gaan kijken.
Die twee dingen hangen met elkaar samen. Met alle verzamelde data worden de algoritmes steeds beter in het vasthouden van je aandacht. En hoe langer je scrolt, hoe meer data er weer bijkomt. Daarom vind ik het erg. Het gaat niet alleen om tijd die je kwijtraakt, maar om een systeem dat je gedrag stuurt zonder dat je het doorhebt.
Tegelijk vind ik het internet niet alleen maar slecht. Ik gebruik het elke dag voor school, voor contact met vrienden en familie, en voor vermaak. Het probleem is niet het internet zelf, maar hoe het is ingericht en ontwikkeld op een slechte manier.
Maken
Hoe kunnen we het repareren?
Ik denk dat het belangrijk is dat we dit met z’n allen oppakken, en dat begint bij bewuster worden van wat er mis is. Zolang mensen niet zien hoe ze gestuurd worden, verandert er niets. Pas toen ik er tijdens deze minor echt mee bezig was, begon ik anders naar mijn eigen gedrag te kijken.
Maar bewustzijn alleen is niet genoeg. Als gebruiker sta je tegenover algoritmes die zijn gebouwd om je vast te houden. Door het evenement in Pakhuis de Zwijger ben ik gaan inzien dat de overheid hier echt meer kan doen. Regels kunnen een veel groter verschil maken dan losse keuzes van individuen, omdat ze voor iedereen tegelijk gelden.
Een goed voorbeeld is dat Instagram nu een optie heeft om alleen berichten te zien van accounts die je volgt. Dan bepaal jij wat je ziet in plaats van het algoritme. Dat vind ik al een goede stap. Alleen zou zo’n optie eigenlijk overal moeten bestaan, op elk platform en niet alleen in Nederland. Europese wetgeving zoals de Digital Services Act is een begin, maar er kan nog veel meer gebeuren.
Ikzelf ben tijdens deze minor overgestapt van Google Maps naar Organic Maps, en dat liet me zien dat een andere keuze best kan. Echter is het toch lastiger met bijvoorbeeld instagram waarbij al je vrienden ook mee naar een ander platform zouden moeten. Daarnaast wil ik beter opletten waar ik op akkoord klik en welke apps toegang hebben tot mijn locatie. Ik denk dat je met kleine stapjes al een heel eind komt.
Delen
Hoe kunnen we het repareren?
Ik denk dat delen eigenlijk het makkelijkst begint bij de mensen om me heen. Ik merk dat veel van mijn vrienden en familie hetzelfde hebben als ik had. Ze weten wel dat ze veel op hun telefoon zitten, maar staan er niet echt bij stil hoe dat komt of hoeveel data ze ondertussen weggeven.
Ik ben tijdens de minor al meer gaan delen hoeveel data er eigenlijk wordt verzameld. Je merkt dat daar al leuke gesprekken uitkomen en dat iedereen om je heen er ook wat bewuster naar gaat kijken.
Daarnaast wil ik kleine dingen laten zien die je zelf kunt doen, zoals de optie op Instagram om alleen accounts te zien die je volgt en vertellen dat er ook andere social media platformen zijn, zoals mu.social. Wat mij ook leuk lijkt is om mensen uit te dagen om het te proberen, zoals ik heb gedaan met Google Maps en Organic Maps. Dat zijn kleine stappen, maar ze maken wel verschil. Het laat ook zien dat je niet meteen alles hoeft op te zeggen om bewuster bezig te zijn.